Prins uit den Vreemde - Inleiding
dur Thom Dissel, Lid pr-commissie
In 2005 werd door diverse organisatieteams, clubs en muziekskes, de vraag gesteld of we met de carnavalsviering en – beleving wel op de goede weg waren. Er waren oorzaken aan te wijzen die deze vraag rechtvaardigde. Men zag dat het aantal Schijndelaren dat aan het volksfeest deelnam minder worden en dat terwijl carnaval een volksfeest bij uitstek is waar eenieder, jong en oud, gezond en ziek, aan kan deelnemen. Carnaval is immers voor alle lagen van de bevolking. Men miste zelfs enkele carnavals/muziekclubs bij bepaalde gelegenheden. Enkele zochten het carnavalsheil buitengaats!
Diverse bijeenkomsten werden door een speciale opgerichte commissie belegd om de discussie op gang te krijgen over het feit wat nu eigenlijk de mogelijke oorzaken van een terugval in de belangstelling voor dit feest waren. Nu is een dergelijke vraag beslist niet nieuw. Zowel in Schorsbos als in andere gemeenten komt regelmatig deze vraag terug als men ervaart dat het feest om wat voor reden dan ook terugloopt of dreigt terug te lopen. De bekende pieken en dalen zijn niemand vreemd.
Diverse redenen van het blijkbaar/schijnbaar minder worden van de belangstelling werden op tafel gelegd en werden benoemd. Dat resulteerde in het aanbrengen van enkele activiteitsveranderingen die het resultaat moesten opbrengen carnaval dichter bij de mensen te brengen. De Schorsbossers moesten meer bij het feest worden betrokken. Welke veranderingen werden doorgevoerd wil ik in deze notitie, die overigens alleen een bijdrage wil leveren tot de discussie omtrent één der suggesties die werd geopperd om het carnaval in Schorsbos meer binnen de aandachts- en belevingssfeer van de bewoners te brengen, buiten beschouwing laten. Carnaval 2006 heeft laten zien welke veranderingen werden doorgevoerd en we kunnen stellen dat velen die veranderingen positief hebben ervaren.
Een der discussiepunten was er een die betrekking had op de prinskeuze. "Waarom is er geen prins uit Schijndel, maar hebben we altijd een prins uit een andere gemeente?" was en is een vraag die menigmaal ook in het verleden is gesteld. Om dat antwoord een kans te geven, dient men op de hoogte te zijn van de historie van het carnaval in Schorsbos. Er zijn natuurlijk redenen waarom men voor een "vreemde" prins een voorkeur had. Er zijn vele gemeenten die een prins hebben die in de plaats woonachtig is. Waarom men dat verkiest boven een prins van buiten, heeft ook een bepaalde reden. Om tot een goede afweging en beslissing te komen moet men al "voors en tegens" van beide visies onder de loep nemen. Zo maar iets roepen of beweren heeft geen enkele zin. Regelmatig is men van zins om wat voor reden dan ook veranderingen binnen een structuur, een viering, beleving, activiteit aan te brengen. Ik kan me in dit geval heel goed vinden in de woorden van wijlen Nol van Roessel die op het schutblad van deze notitie staan vermeld. Die woorden impliceren dat carnaval een feest is dat voortdurend op weg is, dat veranderingen c.q. aanpassingen, mits op verantwoorde wijze uitgevoerd noodzakelijk (kunnen) zijn, maar dat men het wezen van het volksfeest niet moet aantasten. Altijd zullen maatschappelijke achtergronden een rol spelen in het verloop van het carnavalvieren. Economische factoren, culturele ontwikkelingen, levensbeschouwelijke aspecten, maar ook het karakterologische hebben een niet te onderschatten invloed.
Ik zie met grote interesse uit naar de discussie die zal ontstaan, de argumenten die zullen worden aangevoerd en uiteraard de beslissing die men zal nemen. Heel eenvoudig zal dat niet zijn, daar men immers met diverse groeperingen (clubs, stichting etc.) te maken heeft die zowel juridisch als historisch een belangrijke rol in deze vervulden en nog vervullen.
Hoe het ook zij: Carnaval moeten we blijven koesteren als een onmisbaar cultuurgoed. Carnaval kent zoveel aspecten waarmee zoveel Schorsbossers en Schorsbosserinnekes vele uren van hun kortstondig bestaan op deze aardbol bezig zijn en beslist een specifieke jus aan hun leven geven.
Ik wil jullie niet de woorden onthouden van de bekende Peer van den Muggenheuvel uit Oeteldonk die hij tijdens een radiotoespraak in 1928 zei: "Van den uursten dag af aon, dè Oeteldonk is uitgeroepen as ut schoonste durp dè aon de mooie, blauwe Dommel leet, heb ik dè gevuul van heimwee naor de Vastenaovend gehad."
Ik weet dat velen van ons dat gevoel ook kennen en er alles aan zullen doen om het carnavalsfeest tot op het bot te vieren en te beleven, maar zeker dit feest willen behouden.